Veronderstel het volgende:

Ergens in Nederland ontstaat min of meer bij toeval een groot natuurgebied, met veel open water. Laten we het OVP noemen. Normaal zouden de waterplassen binnen een paar jaar dichtgroeien, maar wilde ganzen ontdekken de plek en houden het water open door voldoende planten weg te vreten. Op het land ontstaat vegetatie en de eerste bomen melden zich aan. Elzen, berken, wilgen, vlier en andere soorten. Zeldzame vogels als blauwborst, klapekster en buidelmees vinden er een plek en reeën, vossen, hazen en konijnen weten ook de weg ernaar toe te vinden. Kortom een prachtig natuurgebied met een steeds toenemende biodiversiteit.
Na een aantal jaren beginnen bomen echter de overhand te krijgen en het is duidelijk, dat vroeg of laat het hele gebied in dicht bos zal veranderen, waardoor de biodiversiteit weer af zal nemen. Men besluit, dat men dit niet wil en introduceert grote grazers – paarden, edelherten en runderen - om de vlakte tenminste gedeeltelijk open te houden. Wel wordt er om het hele gebied een groot hek geplaatst om de omliggende landbouwgronden en het verkeer te beschermen. Dit wordt een doorslaand succes. De dieren planten zich voorspoedig voort en inderdaad houden ze de vlakte open. De OVP wordt zelfs vergeleken met de Serengeti.
Er komt echter een tijd, dat de aanwas van de dieren de draagkracht van het gebied, althans in de winterperiode, te boven gaat, zodat een ernstige hongersnood zijn intrede doet en dieren ellendig beginnen te creperen.
dierenleed
dierenleed 
 
Wat nu te doen ?

A. U doet niets
Arg.a1
De mens heeft al te vaak in de natuur ingegrepen
Uw keuze houdt in, dat door overbegrazing bomen en struiken zullen verdwijnen en de biodiversiteit achteruit zal hollen.
Arg.a2
Dit is de natuur. Stervende edelherten zijn triest, maar we maken ons ook niet druk om stervende muizen. Dat mensen het bij herten niet kunnen aanzien is dan jammer. Bij muizen kijken ze ook de andere kant op. Kadavers zijn nuttig in de natuur voor alle aaseters.
Uw keuze houdt in, dat bij massale sterfte er, buiten bovengenoemde consequenties , wel erg veel kadavers in de natuur achterblijven en er tonnen goed vlees verloren gaan.

B. U gaat bijvoeren
Arg,b1
We willen dierenleed zoveel mogelijk beperken.
Arg.b2
We zijn voor deze dieren verantwoordelijk, omdat we ze er zelf naar toe hebben gebracht.
Uw tweede argument houdt in, dat dit niet geldt voor de reeën en hazen, die er immers op eigen kracht gekomen zijn. Uw argument houdt verder in dat we ook de koeien oneindig moeten bijvoeren.
Uw keuze betekent een verdere aanwas van de populatie en vergroting van het probleem in de toekomst. Wat gaat u daaraan doen?

C. U breidt het gebied uit en/of verplaatst dieren
U gaat het natuurgebied vergroten
En als die nieuwe gebieden ook vol raken, wat doet u dan?
U gaat de dieren exporteren naar andere gebieden
U veronderstelt dat er gebieden zijn waar onze dieren welkom zijn. En zijn daar dan geen jagers?
  
D. U introduceert wolven.
Arg.d1
Deze top-predatoren zijn veel diervriendelijker dan een jager.
Het weidelijk schot van de jager doodt een hert bijna altijd onmiddelijk. Wolven hebben langer nodig om een dier te doden en scheuren al stukken ervan af voor het dood is.
Arg.d2
Zij verstoren de rust minder dan een jager.
Is dat zo ? Waar wolven zijn is de druk op de prooidieren constant aanwezig. De jager wordt vaak niet opgemerkt en reeën blijven vaak doorgrazen terwijl een roedelgenoot geschoten wordt.
Arg.d3
Deze oplossing is natuurlijker dan de inzet van jagers.
Wat betekent dit? Hoort de mens niet bij de natuur?
 
Uw keuze houdt in, dat de wolven zich in dit luilekkerland voorspoedig voortplanten. Misschien houden ze bij een bepaalde stand op zich voort te planten. Een soort natuurlijke geboortecontrole dus. Maar als ze niet door ziektes getroffen worden, zou het kunnen dat er te veel wolven komen en te weinig herten. Als de wolven dan beginnen te verhongeren moet u terug naar A.
plezierjachtbenuttingsjacht
 
E. U schiet verzwakte dieren af
Arg.e1
U bent tegen jagen, maar het gaat u te ver de dieren te laten verhongeren.
Uw keuze houdt in, dat u toch jager bent, maar de dieren eerst laat verkommeren en het vlees laat vergaan of naar de destructie brengt.
Verder betekent het, dat de draagkracht van het gebied continue tot het uiterste belast wordt, met een negatieve invloed op de biodiversiteit.
 
F. U beheert de populatie middels de 'prikpil'
Arg.f1
U bent vóór populatiebeheer maar tegen jagen. U denkt de populatie te kunnen beheren door geboortecontrole d.m.v. een op afstand geschoten injectiespuit.
  • U hebt meer vertrouwen in de farmaceutische industrie dan in de weidelijke jager, al of niet in overheidsdienst
  • U neemt een risico door met chemische middelen in te grijpen in de natuur. U brengt hormonen in de natuur, die mogelijkerwijs in andere dieren terecht komen. Wat betreft onverwachte effecten bij ingrijpen in de natuur zie ook hier.
  • U moet bepalen welke dieren wél en welke dieren niet een spuit krijgen. De dieren die een spuit ontvangen hebben moeten gemerkt zijn en op afstand herkenbaar
  • U zult heel wat onrust veroorzaken voor dat doel bereikt is. Jagen met een injectiespuit is nog moeilijker dan met een geweer vanwege de kortere afstand
  • door geboortebeperking zal de populatie verouderen - d.w.z. u krijgt een onnatuurlijke leeftijdsopbouw
  • vóór de populatie gedaald is naar het gewenste niveau (zeg van 4000 naar 300) zult u vele jaren moeten wachten
  • vóór de populatie gedaald is naar het gewenste niveau zullen vele dieren moeten sterven, hetzij creperen van ouderdom of honger, hetzij door afschot
  • als het gewenste niveau eenmaal bereikt is, zal dit niveau gehandhaafd moeten worden, hetzij door ze te laten creperen van ouderdom of honger, hetzij door afschot
 

G. U beheert de populatie door afschot
Arg.g1 
U bent voor een stabiele en gezonde populatie.
Uw keuze houdt in dat u voor de beheerjacht bent. U kunt de populatie op een lager niveau in stand houden, waardoor de vegetatie minder zwaar belast wordt en de biodiversiteit in stand blijft c.q. weer kan toenemen.
Arg.g2
U hebt niets tegen het oogsten van het puurste scharrelvlees dat er is, voor zover het de draagkracht van de populatie niet te boven gaat.
Uw keuze houdt in, dat u voor de benuttingsjacht bent. Het gebied brengt zo jaarlijks tonnen 'wildernisvlees' op, waarvan de opbrengst ten goede kan komen van verder natuurbeheer.
 
 benuttingsjacht